Jezus spreekt allereerst tegen wie zijn leerling wil zijn (zie vs. 1, 22, 41 – en dan 54
49 ... Vuur ben ik komen werpen
1 op de aarde,
en wat wilde ik dat het al ontstoken was...!
50 Maar een doop heb ik,
daarmee moet ik gedoopt worden,
en wat word ik daardoor beklemd –
totdat het voltooid
2 is!
51 Denken jullie dat ik opgetreden
3 ben voor de vrede –
om die te geven op de aarde?
Nee!, zeg ik jullie, integendeel: verdeeldheid!
52 Want zo zal het zijn vanaf nu:
vijf in één huis verdeeld:
drie tegen twee en twee tegen drie –
53 verdeeld zullen ze worden:
vader tegen zoon en zoon tegen vader,
moeder tegen dochter en dochter tegen moeder,
schoonmoeder tegen haar schoondochter
en schoondochter tegen schoonmoeder.”
54 En toen zei hij tegen de massa’s:
Wanneer jullie een wolk zien opkomen in het westen,
zeg je gelijk: er komt regen! –
en zo gebeurt het ook.
55 En wanneer de zuidenwind aan het waaien is,
zeg je: het zal heet zijn! –
en het gebeurt.
56 Huichelaars,
het uiterlijk
4 van aarde en hemel weten jullie te beoordelen
5 ,
maar deze beslissende tijd –
hoe bestaat het
6
dat jullie die niet weten
7 te beoordelen...? ...
Noten
1 dit heftige werkwoord laat de NBV weg
2 niet ‘volbracht’ zoals vele vertalingen
3 opvallend woord – hoort dat bij een profeet?
4 NBV: ‘uiterlijk’
5 NBV: ‘duiden’
6 zo Kees Meijer in een eerdere vertaling op deze site
7 niet ‘kunnen’