aanmelden
Schriftlezing
website van de Dirk Monshouwer Stichting
H | 2e van de Advent | Leesrooster | M | Contact
Rubrieken
Agenda
De DM-Stichting
d Bijbelvertalingen
Gesorteerd op:
Bijbels
d Exegeses
Gesorteerd op:
Bijbels
Nieuws
d Links
Hoe kan ik ...
6e van Pasen, 9 mei 2021
1 Johannes 4,7-21
Omdat Hij ons eerst liefhad
Inleiding
De passage bestaat uit drie delen die zich zo tot elkaar verhouden:
(A) 4,7-10 Laten we elkaar liefhebben,
                       omdat de liefde uit God is.
(B) 4,11-18   Als God zo ons liefhad,
                       dan zijn wij verschuldigd elkaar lief te hebben.
(A’) 4,19-21 Laten wij liefhebben,
                       omdat hij ons eerst liefhad.
Vertaling
7Geliefden,
laten we elkaar liefhebben1 ,
omdat de liefde uit God is.
En een ieder die liefheeft, is uit God verwekt2 en kent God.
8Hij die niet liefheeft, kende God niet,
omdat God liefde is.
9Hierin is de liefde van God in3 ons geopenbaard,
dat God zijn enige zoon naar de wereld gezonden heeft,
opdat we door hem zouden leven.
10Hierin bestaat de liefde,
niet dat wij God hebben liefgehad,
maar dat hij ons liefhad
en zijn zoon gezonden heeft,
als4 verzoening voor5 onze zonden.

11Geliefden,
als zó God ons liefhad,
dan zijn ook wij verschuldigd elkaar lief te hebben.
12God heeft niemand ooit aanschouwd.
Indien wij elkaar liefhebben,
blijft God in ons
en is zijn liefde in ons voltooid6 geworden.
13Hieraan weten wij dat wij in hem blijven en hij in ons,
omdat hij ons van zijn geest heeft gegeven.
14En wij hebben aanschouwd en getuigen
dat de Vader de zoon heeft gezonden,
als7 redder van de wereld.
15Wie ook maar8 , indien hij belijdt dat Jezus de zoon van God is,
God blijft in hem en hij blijft in God.
16En wij hebben gekend en geloofd de liefde die God in ons heeft.
God is liefde.
En hij die blijft in de liefde, blijft in God en God blijft in hem.
17Hierin wordt de liefde met ons voltooid,
dat wij vrijmoedigheid hebben op de dag van het oordeel,
dat zoals die9 is, ook wij in deze wereld zijn.
18Vrees is er niet in de liefde,
de voltooide liefde werpt namelijk de vrees eruit,
omdat de vrees met straf van doen heeft10 .
Hij echter die vreest, is in de liefde niet voltooid.

19Laten wij liefhebben,11
omdat hij eerst ons liefhad.12
20Indien iemand zegt: ‘Ik heb God lief’ en zijn broeder haat,
een leugenaar is hij.
Want hij die niet zijn broeder liefheeft, die hij gezien heeft,
kan niet God, die hij niet gezien heeft, liefhebben.
21En dat gebod hebben wij van hem:
dat13 hij die God liefheeft, ook zijn broeder liefheeft.
Noten
1GGNT (1990:501) noemt ἀγαπῶμεν een ‘adhortativer Konjunktiv’.
2Voor een uitgebreide verantwoording van de vertaling van γεγέννηται met ‘verwekt, zie M.J.J.Menken (NovT 51/4 (2009), 352-368).
3Een veel voorkomende vertaling van ἐν in v. 9a is ‘onder ons’. De vertaling van het NBG-’51 met ‘jegens’ vindt in BDAG (2000:326-330) geen rechtvaardiging. Ik bepleit een ‘gewone’ vertaling met ‘in’, realiseer me dat het geen fraai Nederlands is. En dat kan ook, dunkt me, als ‘in ons’ in v. 9a opgevat wordt als ‘in onze wereld’ (zie v. 9b en v. 14b-c), respectievelijk ‘in ons midden’ (zo Do, Re-thinking the Death of Jesus 2014:175, 179). Lieu (I,II and II John 2008:180) verstaat ἐν ἡμῖν mijns inziens te beperkt als ‘in onze gemeenschap’.
4Voor de vertaling van τὸν υἱὸν αὐτοῦ ἱλασμὸν περὶ τῶν ἁμαρτιῶν ἡμῶν als ‘object-complement’, zie GGBB (1996:186).
5Voor de vertaling van het voorzetsel περὶ met genitief met ‘voor’ (GGNT 1990:276).
6Voor een ruime argumentatie om τετελειωμένη niet te vertalen met ‘volmaakt’ (vaak opgevat als ‘zonder gebreken’), maar met ‘voltooid’ (‘completed’), zie D. Rensberger, 'Completed Love',2014:237-271.
7Voor de vertaling van τὸν υἱὸν σωτῆρα τοῦ κόσμου als ‘object-complement’, zie GGBB (1996:186).
8ὃς ‘welcher auch immer’, zie GGNT (19902:75).
9Naar wie of wat verwijst ἐκεῖνός (‘die’)? In 2:6 en 3:16 verwijst ἐκεῖνός naar Jezus (Klauck, Der erste Johannesbrief 1994:270; Rensburger 2008:122; Menken, 1,2 en 3 Johannes 2010:94). In 3:3, 5, 7 verwijst ἐκεῖνός naar God. Gezien dezelfde eschatologisch setting (3:3, 5 en 4:17c) zou ik zeggen dat ἐκεῖνός in 4:17c naar God verwijst.
10BDAG (2000:555). Letterlijk staat er: ‘omdat de vrees straf heeft.’
11Het werkwoord kent in NA28 geen object. Een aantal handschriften heeft ‘hem’ als object, weer andere manuscripten hebben ‘God’ als object. Ook 4,7d en 8a kennen geen object van het werkwoord 'liefhebben.
12Het lijkt me logisch dat we ook hier met een aansporing te maken hebben, zelfde vorm als in v. 7b.
13Voor de vertaling van ἵνα met ‘dat’, zie BDAG (2000:476).
Afdrukken | vertaling door Nico Riemersma | bij 6e van Pasen
Laatste wijziging 16 Mar 2021 21:30:54
Reacties: nog geen reactie. Gebruik, als u bent ingelogd, b om te reageren.
Andere vertalingen: 1Joh. 4,7-21 [Epistel] Geloven in deze God is leven in liefde

6e van Pasen - wit
Geen afbeelding opgegeven.

Overige teksten:

Jes. 45,15-19 [OT]
1Joh. 4,7-21 [Epistel]

Deze site heeft 247 leden, waarvan 0 online; Bezoekers : vandaag: 68; Colofon