Jakobus 4,1-6
1Vanwaar die strijd en die conflicten bij jullie?
Komt het niet uit de hartstochten
die strijd leveren in je binnenste?
2Je verlangt naar iets,
maar krijgt het niet.
Jullie moorden en zijn jaloers,
maar zijn niet in staat te winnen
jullie vechten en strijden,
maar krijgen het niet,
omdat jullie niet erom vragen.
3Jullie vragen en krijgen het niet,
omdat je verkeerd vraagt
en alles over hebt voor je begeerten.
4Trouwelozen, weet je dan niet
dat vriendschap met de wereld
vijandschap jegens God betekent?
Wie bevriend wil zijn met de wereld,
poneert zich als vijand van God.
5Of denken jullie dat dit een loos Schriftwoord is?
De geest die in jullie woont,
verlangt [naar jullie] tot jaloersmakend toe,
6maar schenkt groter genade.
Daarom staat er:
God stelt zich op tegen de hoogmoedigen,
maar aan nederigen schenkt hij genade.

Print deze tekst | vertaling door Klaas Eldering | bij 1e van de herfst (23 september 2018)
Laatste wijziging 2000 01 01 00:00:00
Reacties:
  2000 01 01 00:00:00, Het moeilijke vers 5. van Kees Meijer